Vanmorgen waren pappa en mamma er. Natuurlijk mochten we onze bagage laten staan. Dat kon gewoon op de kamer blijven staan, zoveel gasten zou ze deze week niet krijgen. We kregen een heel uitgebreid ontbijt. De mevrouw van het hotel wilde ons zelfs nog van alles meegeven voor onderweg. Wij waren zulke lieve gasten! De bus naar de Virhenhut bleek inderdaad nog niet te rijden, maar voor 30 leva reed een taxi ons in ongeveer een uur naar de hut. In het begin was het landschap nog wel erg verpest door wintersportinfrastructuur, maar dichter bij de hut verdween dat. Na enige moeite vonden we het begin van onze wandeling en we gingen op pad. Overal stond gele gentiaan niet in bloei) eerst zagen we allemaal uitgebloeide krokussen maar hoe hoger we kwamen en hoe meer sneeuw we kregen, hoe meer bloeiende krokussen we tegen kwamen. We zagen ook veel gentianen (stengelloze en voorjaars), primulaatjes, geum en kikkers. We liepen door en langs veel water (meertjes en beken), daar zagen we veel kikkers en kikkerdril. Aan vogels zagen we vandaag veel beflijsters, goudvink, zwarte roodstaarten (we ontdekten ook een nestje), raven, leeuweriken en een dwerg aalscholver. We liepen tot een hoogte van 2600 meter en staken daar en pas over. Om een uur of 3 bereiketen we de Demianitsa hut. Een huis met een verzameling kleine hutjes erbij. Er zat een oude man buiten met een krantenhoedje op zijn hoofd. Hij riep een jongere man die kennelijk de hüteward was. Ik gaf hem de voucher en legde uit dat we kwamen slapen. Het slapen begreep hij. De voucher kreeg ik meteen weer terug, daar snapte hij niks van. We slapen in zo'n klein hutje met twee stapelbedden erin. Op de bedden liggen een soort strozakken die vroeger wel schoon geweest zijn. Er liggen dekens met de ster met hamer en sikkel er nog op. De dekens zitten vol muizengaten en de lakens zijn gescheurd, gorig en met roest (of oor-)vlekken. Er was een hokje waarop stond dat het de badkamer was. Er was geen kraan. De wc's hebben we na een paar uur ontdekt. Wij gingen wel in het bos! Bah! Maar goed, er was een biertje en later koffie. We konden een beetje lekker zitten en sokken wassen in de rivier. Later bleven er ook nog 7 Duitsers slapen met wie we gezellig gekletst hebben. Het eten was prima en aan het eind van de avond, toen de man met iemand gebeld had, kon ik de voucher kwijt en hoefden we alleen onze drankjes te betalen.Het eten zat allemaal bij de prijs in. Dat was van te voren anders gezegd...'s Avonds werd het behoorlijk fris en lagen wij onder twee communistische dekens in onze bedjes.
maandag 15 juni 2009
Van de Virhenhut naar de Demianitsahut
zondag 14 juni 2009
Per smalspoor naar Bansko
Het plan was vandaag flink uit te slapen en dan naar het station te gaan. Maar, er sliep een schoolklas naast ons. Die waren vanaf half zeven wakker en herrie aan het maken. Uiteindelijk waren we om half elf op het station en namen een trein eerder naar Septemvri. Daar zouden we overstappen op het treintje naar Bansko. Jammer genoeg was Septemvri een lelijk betonnen stadje zonder vermaak. Dus dan maar alleen koffie op een terrasje en wachten op de trein. De trein zat best wel vol en hoewel de trein niet erg snel ging zaten we al snel in de bergen. We zagen veel mensen op het land. Ze waren aan het hooien, met de hand. Heel idyllisch allemaal maar misschien ook wel schrijnend voor deze mensen die al 100 jaar op dezelfde manier aan het werk zijn , terwijl om hen heen de vooruitgang rondwoekert. Na Velingrad stapten er veel mensen in met kleurige hoofddoeken. De dorpjes die we passeerden hadden ook bijna allemaal een moskee. Ongeveer 12% van de Bulgaren is moslim. Het grootste deel daarvan is zgn. Turk er zijn ook nog Pomakken. Dat zijn etnische Bulgaren die islamiet zijn. Volgens mij woonden hier vooral Pomakken. in Joedovatsj, stopten we een hele tijd om op de tegenliggende trein te wachten. Die zat dus écht helemaal vol en er moesten nog heel veel mensen bij. Dat werd een rit van uur staan voor hun. Wij zaten lekker en genoten van het kleinschalige landbouw landschap met de bergen van het Piringebergte op de achtergrond. Vanaf Razlog, het dorpje voor wij eruit moesten, werd het landschap wat lelijker. Men was gestopt met de landbouw en had zich hier op het lucratievere toerisme. Wij stapten in Bansko uit de trein en informeerden bij de vrouw met de baard naar een bus naar de Virhen hut. Die gaat niet. Nou ja, morgen maar weer informeren of een taxi. We liepen naar ons hotel en konden eerst de ingang niet vinden. Toen kwam er een meisje van een jaar of 15 naar buiten. Ze was alleen thuis, maar bracht ons naar onze kamer. Vanavond kwamen pappa en mamma weer thuis, die zouden onze vragen wel beantwoorden. Wij wilden namelijk weten of we onze bagage konden laten staan en of er misschien toch een busje naar de Virhenhut ging. Wij bekeken Bansko. Niet erg gezellig zo op zondag. Gelukkig waren er wel een paar winkeltjes open en konden wij eten kopen voor onderweg tijdens onze huttentocht. We gingen eten bij een restaurantje en om elf uur waren pappa en mamma er nog steeds niet...
zaterdag 13 juni 2009
Rodopigebergte en Plovdiv. Waar is het theater?
We deden hard ons best, maar toch waren we de eersten die de ontbijtzaal verlieten en op pad gingen. Naar het busstation. Zodra we bij het busstation waren, konden we instappen in de bus naar het Bachkovo monastir. Dat is het tweede belangrijke klooster van Bulgarije. Wij gingen er vooral heen om de wandeling naar een paar kapelletjes te maken zodat we ook nog wat van het Rodopigebergte meekregen. We reden door de buitenwijken van Plovdiv en zagen échte grote supermarkten, bedrijventerreinen en het dorpje Asenovgrad. Na dat dorpje begonnen ineens , poef, de bergen. Steile Rotswanden met bomen, riviertjes in diepe kloven en toen het dorpje Bachkovo. De chauffeur vergistte zich en zei ons dat wij eruit moesten. De hele bus bemoeide zich ermee. "Nee, zij moeten ook naar het klooster. Zitten blijven hoor!" Zo kwam ik naast een andere toerist terecht. Hij voelde zich erg met ons verwant. Hij kwam uit Jakarta. Bij het klooster stapten we dus wél uit. Het hele weggetje naar het klooster was een grote toeristenkermis. Kraampjes met speelgoed, kleding, honing, inmaak, drinken, snoep, kebabtentjes enz. Het klooster zelf was wel mooi. Wéér een met mooie schilderingen, oude gebouwen, niet zo groot en een paar eenzame monniken. We kwamen de man uit Jakarta weer tegen die ook aan ons vroeg of dit nou alles was. Ja dus. Wij gingen lekker een stukje lopen. Door het bos en later over een aantal Alpenweidjes. Al snel zag Niels de eerste orchidee. Een rood bosvogeltje. Later zagen we nog een soort epipactus en een soort vliegen/spinnen/bijen-orchissen. Het miegelde van de vlinders en ineens waren we bij een soort kapelletje. Dat zag er dan wel weer heel mooi uit zo onder twee heel grote Robinia's. Na een half uurtje was het pad afgelopen en gingen we weer terug. We aten wat kebabchi in een tentje en gingen naar de bushalte. Daar kwam de bus minuten later aanrijden. Alsof we de tijden wisten! We liepen via een andere route naar de stad terug en dwaalden wat rond. We kwamen op een leuke markt terecht. Ontdekten nóg een moskee en liepen een stukje langs de rivier de Marcia. Toen even terug naar het hotel voor een douche en een siësta. Daarna wilden we nu wel eindelijk eens dat grote Griekse of Romeinse theater zien waar we steeds allemaal foto's van zagen. We waren het nog helemaal niet tegengekomen en het moet vlak in de buurt van het hotel zijn. Systematisch, met de kaart erbij kamden we het gebied uit. Ja! Daar was het. Alleen stond er een bordje. Ingang via de oude stad... Weer zoeken. We ontdekten allemaal leuke hoekjes en gaatjes van Plovdiv maar was dat ***theater? Ineens liep er een kudde Franse toeristen uit een straat vandaan. Ik er op af om te vragen. Ja hoor binnen een minuut stonden we voor het theater. Het was vooral gereconstrueerd, maar toch leuk. Het is nog steeds wel wennen dat dat de manier van restaureren van de Bulgaren was (is). Daarna gingen we rustig aan richting eetterras. Eerst kwamen we per ongeluk op een terras waar we het beste uitzicht hadden op een soort talentenshow van jong zangtalent van Plovdiv. In het park trad de plaatselijke big band op met steeds andere kinderen van 6 tot 20 jaar die gingen zingen. Het was een grote happening en half Plovdiv was uitgelopen.Leuk hoor. Toen dat voorbij was, gingen we eten, met alweer een heerlijke fles wijn erbij.
vrijdag 12 juni 2009
naar Plovdiv en alvast bijna alles bekijken
Vannacht had het geregend en toen we wakker werden regende het nog steeds. We kregen een heerlijk ontbijtje en liepen naar het station. We moesten nog een half uur op de trein wachten en zagen toen boven ons hoofd twee huiszwaluwtjes uit het nest vliegen (kruipen). In de trein kwamen we in de coupé bij een mevrouw en een joch. Na een tijdje vroeg het joch of we Engels spraken. Hij verveelde zich duidelijk en stelde zo eens in de minuten een goed doordachte Engelse vraag zoals "waar kom je vandaan en waar ga je naartoe?" We reden door de Stara Planina ofwel het Balkanbegergte. Volgens "onze "Peter van het reisbureau een heel mooie route. Dat was het ook wel, maar er stonden steeds allemaal bomen, tunnels en bergen voor ons uitzicht. Na zo'n anderhalf uur kwamen we op de (volgens onze Peter) saaie Thracische laagvlakte. Nu konden we goed kijken. We begonnen met een half uur stilstaan op een station van een stad die volgens het joch de stad van de rozen genoemd werd omdat hierna de vallei vol zou staan met rozen. Daar hadden we over gelezen en ons erop verheugd het te zien. En ja, toen we weer verder reden, waren er veel akkers met rozen. Dat zag er alleen niet zo spectaculair uit als we ons voorgesteld hadden. de meeste bloemen waren al geplukt. Er waren ook vele hectares met noten- en andere fruitbomen, graan, lavendel, aardappels en af en toe gras met een kudde koeien met herders erbij. Daar tussen door liepen hele kuddes met ooievaars. Op een gegeven ogenblik kwamen we op het station van Karlovo. Daar hebben we meer dan een uur stil gestaan. Niemand die vertelde waarom. Maar het joch hoorde op een bepaald moment dat er geen stroom op de bovenleiding zat. In iedergeval schept zoiets een band en we begonnen steeds gezelliger met het joch te kletsen. Over ons werk, zijn studie, natuurbescherming, de crisis in Bulgarije, over dat wij ons soms schamen om Nederlander te zijn(Wilders) en hij om Bulgaar te zijn(corruptie). Een uur te laat kwamen we aan in Plovdiv. We liepen de route naar ons hotel. Een lange straat met platanen dat uitkwam op een gigantisch plein met fonteinen. Daar zat ook de touristen informatie. Daar haalden wij een plattegrond van Plovdiv en raceden snel door naar het hotel. Tassen neergegooid en hup de stad verkennen. Ons hotel zit in de oude stad met straatjes geplaveid met keien. Dat zit aan een zijstraat van een lange, autovrije winkelstraat waar ineens een gat in de weg zit. In dat gat zitten de resten van een oud Romeins theater. Daarnaast staat een mooie moskee. Eerst liepen we de autovrije straat op en af en terrasden wat. We gingen terug naar de oude stad waar we door alle straatjes zijn gaan dwalen. Overal van die Bulgaarse "wedergeboorte"huizen (uit de tijd vlak na de Turkse overheersing), mooie kerken, antiek- en rommelwinkeltjes. Op een gegeven ogenblik was er een berg. We klommen die op en kwamen bij de ruïne van een soort kasteel met een prachtig uitzicht over de stad. Het werd voornamelijk gebruikt als hangplek voor jongeren. De hangplek voor ouderen zat vlakbij het grote plein. Waar we ook weer heen gingen. Daar was een zeer druk bezocht park waar de verschillende "peergroups" op verschillende plekken in het park hun bankjes hadden. Alle fonteinen en vijverpartijen in het park waren trouwens leeg. Geen water. We zwierven nog wat rond door de stad en kwamen toen we op zoek naar een terras voor het eten waren op perongeluk op the place to be in Plovdiv. We hebben dus heel hip en gezellig met een heerlijke fles wijn zitten eten.
donderdag 11 juni 2009
Trjavna
Vanmorgen bestudeerden we eerst het kloosterleven. De katjes daar krijgen niks te eten en lusten zelfs yoghurt, feta, oud brood en rotte kersen. Het mevrouwtje dat ons opgewacht had, is geen non maar doet al het werk in het klooster. Ze woont zelfs samen met haar man (die voornamelijk sigaretjes rookt en koffie drinkt) in het klooster. Als het mevrouwtje klaar is met onkruid wieden, komen de nonnen om met kruiwagens de stapeltjes onkruid weg te kruien naar de composthoop. Ze doen net alsof zij heel hard gewerkt hebben. Er kwam ook een aannemer met twee werknemers. Er moest een gat gegraven worden. Moeder overste kwam met een dik boek onder haar arm uit haar hok en stond de mannen constant op hun vingers te kijken en aanwijzingen te geven. Toen kwam er een auto met chauffeur om ons naar Trjavna te brengen. De man sprak een beetje Engels en hij vertelde over de twee banen die hij had om rond te kunnen komen, over het onderwijs in Bulgarije en dat zijn droom was om een camper te hebben. Om ongeveer 11 uur waren we in Trjavna. We slapen in een hotel annex galerie midden op het centrale pleintje van het dorp. Morgen gaan we met een trein waar je officieel voor moet reserveren. We liepen dus eerst naar het station om te reserveren. Dat ging erg moeizaam. Het meisje sprak eigenlijk geen woord Engels. Ik in mijn beste Bulgaars: "zitplaats, gereserveerd? Morgen, Plovdiv. Dit Internationaal ticket" Ze kende de Interrailkaart niet, begreep er niks van, belde met haar baas, maar uiteindelijk kwamen we eruit. "Ah, reserveren? Nee, dat hoeft helemaal niet? Waar komen jullie vandaan?" Toen ik Nederland zei, zei zij: "Doei!" Haar broer had in Amsterdam-Noord gewerkt. De rest van de dag besteedden we aan terrasjes, de stad bekijken en de vele musea bekijken. We begonnen met het iconenmuseum in de kerk. Dat leek meer op een soort rommelzolder waar de iconen opgeslagen werden. Heel apart. We bezochten een houtsnijmuseum. Trjavna heeft of had) een heel beroemde houtsnijschool en daardoor een eigen stijl daarin. Het gemeentemuseum was ook heel apart. Eerst een zaaltje waar we heen gebracht werden met allemaal klokken, toen werden we naar een zaaltje met kunst van Dimitri en Nikolai Kons...? gebracht. Dat was écht wel mooi. De Dimitri had een beetje een Picasso/Kandinsky-achtige stijl, de broer Nikolai maakte mooie houten sculpturen. Daarna nog een zaaltje met een klassieke schilder en als laatste een klasje uit de 19e eeuw. Grappig samenraapsel van zaken. Daarna zaten we een hele tijd op het pleintje, waar naast ons terrasje een soort buurthuis voor oude mannetjes was. Ze zaten allemaal te schaken, kaarten en dammen op het pleintje en dronken er koffie of thee uit het buurthuis bij.
Abonneren op:
Posts (Atom)